Je wilt natuurlijk boven op de toren geraken: daar moet het uitzicht pas echt mooi zijn. Die constructie is niet winddicht: kieren en reten aan de vier zijden, geen vensters om de god van de wind buiten te sluiten: die verkeert kennelijk nog niet in Turnhoutse feeststemming. Integendeel, hij zwoegt en mat zich jakkerend af rond de toren die klaaglijk kreunt en fluit. En als je boven staat, 12 meter hoog, voel je hem pas helemaal echt goed, en het beetje kou is best volwassen geworden. Je kunt natuurlijk geen foto's nemen met handschoenen aan, dus uit die handel, en na twee minuten beslissen mijn verkleumde handen dat mijn ogen en mijn toestel genoeg gezien hebben: trap af geblazen. Eenden en ganzen hebben zich ook naar veiligere of warmere oorden begeven. Rechts op de foto is een nog niet zo goed dichtgevroren plek te zien, maar de vogels zijn gevlogen: ze hebben het opgegeven het wak open te houden, en hopen elders voedsel te vinden. 't Is inderdaad winter voor iedereen. En er wordt ook aan wintersport gedaan: de glijbaan is merkwaardigerwijs kruisvormig: dit seizoen is echt voor velen en vele een kruis. Op zo'n glijbaan kun je wat we vroeger 'slibberen' noemden, en daar moest je niet per se voor naar de vennen. Genoeg water op straat was genoeg, als het ijs maar een beetje convenabel was. Dan begon de pret pas. Maar dat is lang geleden, voor mij toch. En dat kan kennelijk ook: in de winter je kindertijd tegenkomen.
Winterse vennen
- Geschreven door Toon Van Bourgognie
Winters PeerdsvenHet is wel koud (-7 in het centrum van Turnhout), maar de hemel hangt er strakblauw bij, het heeft een paar dagen geleden goed gesneeuwd, en van die wit-blauwte onder het winterzonnetje wil ik echt eens gaan genieten: weer naar het Vennengebied heet het dan.
Er konden wolken binnen komen drijven, maar zo ziet het er niet naar uit. De strakke noordoostenwind doelt de gevoelstemperatuur nog dieper duiken, maar zo erg kan dat niet zijn, hoop je dan, je bent er op gekleed. Wat let me nog?Al aan het Peerdsven komt een eerder bescheiden wolkje de zon versluieren, de witte sneeuw lijkt nu een tikkeltje grijzer, maar het blijft de moeite. De lucht is nog altijd blauw-wit: de goden lijken de feestelijkheden voor 800 jaar Turnhout goedgunstig gezind te zijn. Het kan ook dat iemand van de vroede vaderen eieren naar de Clarissen gebracht heeft: je weet maar nooit, en corruptie kun je dit bezwaarlijk noemen.
Je wilt natuurlijk boven op de toren geraken: daar moet het uitzicht pas echt mooi zijn. Die constructie is niet winddicht: kieren en reten aan de vier zijden, geen vensters om de god van de wind buiten te sluiten: die verkeert kennelijk nog niet in Turnhoutse feeststemming. Integendeel, hij zwoegt en mat zich jakkerend af rond de toren die klaaglijk kreunt en fluit. En als je boven staat, 12 meter hoog, voel je hem pas helemaal echt goed, en het beetje kou is best volwassen geworden. Je kunt natuurlijk geen foto's nemen met handschoenen aan, dus uit die handel, en na twee minuten beslissen mijn verkleumde handen dat mijn ogen en mijn toestel genoeg gezien hebben: trap af geblazen. Eenden en ganzen hebben zich ook naar veiligere of warmere oorden begeven. Rechts op de foto is een nog niet zo goed dichtgevroren plek te zien, maar de vogels zijn gevlogen: ze hebben het opgegeven het wak open te houden, en hopen elders voedsel te vinden. 't Is inderdaad winter voor iedereen. En er wordt ook aan wintersport gedaan: de glijbaan is merkwaardigerwijs kruisvormig: dit seizoen is echt voor velen en vele een kruis. Op zo'n glijbaan kun je wat we vroeger 'slibberen' noemden, en daar moest je niet per se voor naar de vennen. Genoeg water op straat was genoeg, als het ijs maar een beetje convenabel was. Dan begon de pret pas. Maar dat is lang geleden, voor mij toch. En dat kan kennelijk ook: in de winter je kindertijd tegenkomen.









