Turnhout speelde al sinds 1937 onafgebroken in de tweede klasse, maar na het seizoen 1951-1952 kwam daar verandering in.
In 1950 was FCT tiende geëindigd en in 1951 weliswaar zevende, maar tijdens dat bewuste seizoen herleidde de twee afdelingen van tweede klasse tot maar één enkele. Enkel de eerste acht van elke reeks kwam hiervoor in aanmerking, alle andere ploegen moesten terug naar derde klasse.
En het was al snel duidelijk dat Turnhout een reeks lager zou verzeilen: na de heenronde op het einde van 1951 stond Blauw-Wit immers voorlaatste met amper zes punten en vele punten achterstand. De tweede ronde bracht echter een totale ommekeer met 14 wedstrijden op rij zonder nederlaag, waarna FCT achtste stond en virtueel gered was. Maar tijdens de slotwedstrijd verloor Turnhout met 4-2 tegen kampioen Beringen, terwijl concurrent Sint-Truiden Waterschei versloeg met 5-2 en alsnog de reddende achtste plaats inpikte. Daarmee begon het tijdperk dat de club pendelde tussen afwisselend derde en tweede klasse, wat tot op heden voortduurt.
De pers berichtte als volgt: ‘De schone droom is uit. Honderden supporters vergezelden onze F.C.T. naar Beringen, waar het orgelpunt achter de titanenstrijd diende gezet. Het werd een ongelukkige wedstrijd. Ons dunkens werd de partij in de eerste minuten verloren als Sooike Potti zo ongelukkig was, een strafschop op de paal te zetten, terwijl de gastheren onmiddellijk daarop wisten te scoren. Meteen kreeg het moreel van de onzen een zo gevoelige klap, dat de rest zich gemakkelijk verklaart. Heel de ophefmakende tweede ronde was dus vruchteloos en in werkelijkheid degradeert F.C.T. vermits ze volgend jaar in de derde hoogste reeks optreden.’ (De Kempen, 17 mei 1952)




