Hieronder vind je een archiefpagina van de Gazet van Turnhout. Reacties daarop worden niet meer geactiveerd. De huidige Gazet vind je op www.gazetvanturnhout.be.

Object van de maand: Feestgebak – Patacons

door de redactie · 1 mei 2009


ovdm-mei-foto

In de plaats van taarten maakten onze voorouders koeken en broden voor speciale gelegenheden. Vaak in de winterperiode met de talrijke feestdagen in het vooruitzicht. De meest voorkomende vorm was de langwerpige, mensvormige peperkoek, ook wel vollaard of krulkoek genoemd. De vorm wordt vergeleken met een omzwachtelde boreling of een gebusseld Jezuskind. Anderen zien er een scheenbeen in en laten het gebruik teruggaan tot de Germanen, die hun offerdieren bij een joelfeest vervingen door een offerkoek of een brood in de vorm van een been. Dit been werd geofferd aan de afgod vol, vandaar de naam vollaard. Sinds de 16de eeuw versierde men deze broden en koeken met gekleurde patacons uit pijpaarde: staande of liggende beeldjes of cirkelvormige of ovale plaketten.

Patacon zou afgeleid zijn van Patacon – Albertus daalder. Het grootste zilveren muntstuk, dat tussen 1612 en 1710 in de Zuidelijke Nederlanden werd geslagen. Sommigen meenden dat dergelijke zilveren patacons het gebak oorspronkelijk sierden, maar dat men deze later verving door pijpaarden schijfjes. Tot de 20ste eeuw was het gebruik ook gekend om een geldstuk op een brood te leggen wanneer bij feesten of jaargetijden brood uitgedeeld werd aan de armen. Pijpaarden schildjes en muntstukken gebruikte men naast elkaar.

HET MAKEN VAN EEN PATACON

Pijpaarde was de meest geschikte grondstof voor patacons omdat het fraai wit blijft. Het is een witbakkende kleisoort afkomstig uit de Maasvallei, de omgeving van Keulen en Siegburg. De pijpaarde werd tot grote bollen gekneed, die langwerpig werden uitgerold. Daarvan werden schijfjes in de gepaste dikte gesneden. Zij werden gevormd in mallen. Wanneer de aarden schijfjes door verdamping van water waren gekrompen, haalde men ze uit de vorm en liet men ze nog enkele dagen drogen. Plaaster was niet geschikt wegens te broos en moeilijk te beschilderen. Bovendien gaf het een bijsmaak aan het gebak.

VORMEN

Wilde men kwaliteit vervaardigen dan moest men beroep doen op een beeldhouwer / modellenmaker. Men kon ook een afdruk maken van een beeldje in reliëf uit zandsteen, speksteen, ivoor, metaal, aardewerk.

De diameter schommelde tussen 2 en 15 cm. De maker van een patacon bracht meestal een merkteken op de achterkant aan. Men vindt ook houten pataconvormen terug. Vooral Lier was hiervoor het belangrijkste productiecentrum.

De patacons konden verscheidene vormen aannemen. De meest voorkomende waren ovaal of rond, in mindere mate recht- of veelhoekig. Vanaf de 16de eeuw werden ook onregelmatige vormen vervaardigd, een rechtstaand of liggend beeldje, Jezuskind, hond, haan, schaap. Het kon ook in de vorm van een openliggend plaket. Dit was vaak opengewerkt en had als omlijning de omtrek van het onderwerp (vierheemskinderen, kerstkribbe, een dier).

Opvallend waren de patacons in de vorm van een hoofd van mens of paard. Bij de hoofden zien we grijzende tronies, soldaten, de hoofden van Sint-Nicolaas en Sint-Maarten. Deze hadden meer reliëf en werden gebruikt op peperkoek en Sint-Maartenkoek.

BESCHILDEREN

Na het bakken werden de patacons met de hand beschilderd, waarbij vooral de kleuren rood, bruin, geel, groen en zwart in trek waren. Hiervoor gebruikte men waterverf, meestal vermengd met Arabische gom.

In de 16de-17de eeuw was het beschilderen miniem en liet men de achtergrond wit. In de 19de-20ste eeuw beschilderde men de voorzijde met witte verf van krijt en eiwit. In de 19de eeuw werd verfpoeder vermengd met in water opgeloste Arabische gom. Dit gaf de kleuren een glanzend effect, maar met als nadeel dat het gemakkelijk afschilferde.

Voorbeelden van deze patacons worden bewaard in het Taxandriamuseum – TRAM 41.

Tekst: Johan Van Gorp en Harry de Kok

Foto’s: Bram Luyts

Bron:

A. Stroobant , Patacons uit het Dendermondse, 1992.
W. Plaetinck , R. Van der Linden, P., Mertens., De glorie van het brood, Tielt, Lannoo, 1980.Schilderijen waarop patacons afgebeeld staan:
Peter Snijders (1685-1752) – voorstelling maand januari
Jan Steen – St. Niklaasfeest. in: F. Hoekstra, Nederlandse schilderkunst, p.45

Gerelateerde artikels:

  • Geen gerelateerde artikels
  • Reacties

    reageren kan niet meer.